Motten
readtime 14 Minuten

Mot met motten? Zo los jij de hinder op!

5 feb 2019 • redactie

Motten leggen eitjes in kleding en levensmiddelen. De uitgekomen larven vreten vervolgens het stof of het voedsel aan. Het zijn dus niet de motten zelf, maar hun kinderen die verantwoordelijk zijn voor alle schade in je woning of bedrijf. Met welke mottensoort heb je nu te maken? En wat kun je tegen een mottenplaag doen? Hier leer je alles over dit vraatzuchtige ongedierte!

  1. Soorten motten: welke veroorzaken schade?
  2. Hoe ontstaat een mottenplaag in huis?
  3. Hoe ontstaat een mottenplaag in je bedrijf?
  4. Een mottenplaag herkennen
  5. Motten in huis voorkomen: dit kun je doen
  6. Motten in je bedrijf voorkomen
  7. Schade door motten
  8. Motten zelf bestrijden
  9. Motten zelf bestrijden: bedrijven
  10. Motten bestrijden? Vraag een professional!

Motten zijn insecten die op vlinders lijken, maar hebben sombere kleuren. Ze zijn vooral ‘s nachts actief. De larven van sommige soorten voeden zich met graag met koolhydraatrijke levensmiddelen. Larven van andere soorten zijn eerder op zoek naar eiwitten; ze halen die uit voedselproducten en/of uit kleding, bont en leer. Door hun vraatzucht richten ze veel schade aan. Volwassen motten eten daarentegen niets: die planten zichzelf vooral voort.

Zowel woningen als bedrijven kunnen last krijgen van een mottenplaag. Maar over welke mottensoorten hebben we het eigenlijk? We lichten de meest beruchte eerst even toe.

Soorten motten: welke veroorzaken schade?

1. De bruine huismot

De bruine huismot is een algemene soort in België en Nederland. Hij staat ook wel bekend als ‘zadenmot’. Je kunt bruine huismotten herkennen aan hun bruine vleugels met zwarte stippen. De larven zijn beige van kleur en hebben een roodbruine kop. Het zijn, helaas, alleseters. Ze lusten zaden en graan, maar ook papier, wol, linnen, leder en dode insecten.

Huismotten kunnen het hele jaar in woningen voorkomen, maar in de zomermaanden nog het meest, omdat ze, net als alle andere insecten, goed gedijen bij warme temperaturen.

2. De kleermot

De kleermot (of: klerenmot) heeft lichtbruine, zelfs bijna goudkleurige, vleugels. De larven zijn wit en hebben een bruine kop. Ze kunnen één cm lang worden. Kleermotten komen niet in de vrije natuur voor, maar wel in woningen. De larven eten wol, katoen, linnen, zijde, haar, leer en veren. Van wol alleen kunnen ze niet leven. Synthetische stoffen eten ze niet. Het komt ook voor dat ze bij gebrek aan beter de voedselresten op kleding eten of zich op dode insecten storten. Kleermotten en hun larven komen vooral in de zomermaanden voor.

3. De meelmot

Meelmotten komen oorspronkelijk uit Midden-Amerika, maar door de jaren heen hebben ze zich breed over de wereld verspreid. Je herkent een meelmot aan zijn bruin met zwart gevlekte bovenvleugels. De ondervleugels zijn witgeel van kleur. De larven van de meelmot zijn wit en worden maximaal één cm lang.

Meelmotten leggen hun eitjes in meel, zemelen, havermout en soortgelijke producten. Als de eitjes uitkomen, storten de larven zich fanatiek op het levensmiddel waar ze in verblijven. Ze maken kleverige spinsels, waar meel sterk van gaat samenklonteren. Je raadt het al: vooral in meelfabrieken is deze soort een ware nachtmerrie.

4. De pelsmot

De pelsmot - ook wel: ‘gewone pelsmot’ - duikt vooral in woningen op als daar genoeg vocht aanwezig is. Soms verblijven pelsmotten ook wel buiten, in vogelnesten. Hun vleugels zijn grijs tot zilverachtig en er zitten een aantal donkere vlekken op. De larven voeden zich met wol, bont, veren, leer en haar. Van hun eigen spinsels en het stof maken ze kokertjes, die ze met zich meedragen als ze rondkruipen.

5. De vruchtmot

Vruchtmotten komen overal ter wereld voor. Ze hebben bruine vleugels, waarvan het middendeel licht gekleurd is. Hun larven zijn gebroken wit van kleur en worden één tot anderhalve centimeter groot. Ze zijn geboren voorraadaantasters: ze storten zich voornamelijk op cacao en chocoladeproducten, maar ook op meel, noten, granen, gedroogde vruchten en groenten. Soms groeien ze ook op in koffie, tabak of hooi.

6. De cacaomot

Cacaomotten zijn wereldwijd bekend. Bij ons worden ze ook wel ‘tabaksmotten’ genoemd. De tropische cacaomot bestaat ook, maar die ziet er een beetje anders uit. Hij leeft wel op dezelfde wijze als de cacaomot en richt ook dezelfde schade aan.De gewone cacaomot heeft bruine vleugels met zwarte strepen. De larven zijn één tot anderhalve centimeter groot. Die groeien voornamelijk op in cacao en chocoladeproducten, maar ook in tabak, hooi, meel, koffie, noten, granen, gedroogde vruchten en groenten.

Hoe ontstaat een mottenplaag in huis?

Mottenplagen komen zowel in woningen als bedrijven voor. Hoe en waar de plaag ontstaat, is deels afhankelijk van de mottensoort. Kleermotten zullen bijvoorbeeld nooit levensmiddelen aantasten. Als de omstandigheden gunstig zijn, kunnen motten wel een jaar lang in stoffen, levensmiddelen en dierlijke materialen verblijven. Gunstig betekent voor hen: een warme temperatuur (13 tot 15 graden of hoger) en vers voedsel!

Hoe komen bruine huismotten in huis?

De bruine huismot houdt van vochtige omgevingen. Bovendien wordt deze soort gelokt door de geur van meel, granen en zaden. Als je deze levensmiddelen niet goed hebt opgeborgen, kunnen deze motten dus een bezoekje brengen. Je treft ze dan niet alleen in je voedselvoorraden aan: ze verspreiden zich ook naar kleding, meubels en tapijten. Ondanks bepaalde voorkeuren zijn het dus alleseters!

Hoe komen kleermotten in huis?

Kleermotten komen meestal binnen in materiaal dat met eitjes is besmet, bijvoorbeeld in een oud (tweedehands) kledingstuk. Ze komen in ieder geval niet zomaar binnenvliegen. Een wijfje legt 50 tot 100 eitjes in vouwen en naadjes in kleding, maar ook in vilt, bont, lederen huiden of (tapijt-)haren en zelfs in opgezette dieren.

Hoe komen pelsmotten in huis?

Pelsmotten kunnen op twee manieren in je huis komen: er zaten bijvoorbeeld eitjes in door jou gekochte tweedehands kleding. Of de motten leggen hun eitjes in de kleding die je buiten te drogen hebt gehangen. Dat gebeurt vooral in het naseizoen. Daarnaast kunnen pelsmotten, anders dan kleermotten, wel huizen binnenvliegen om zich daar voort te planten.

Hoe komen vruchtmotten en cacaomotten in huis?

Vruchtmotten kunnen eitjes in je voorraden leggen als je verpakkingen (voor langere tijd) open laat staan. Koop daarom ook nooit voor een prikkie halfopen verpakkingen uit een winkel of op de markt. Je weet namelijk nooit wat er naast het product nog meer inzit. Hetzelfde geldt voor cacaomotten. Deze komen meestal in verpakkingen van o.a. rozijnen en noten voor die te lang open hebben gestaan. Een klein spleetje in de verpakking is eigenlijk voor beide soorten al genoeg om eitjes in te kunnen leggen.

Hoe ontstaat een mottenplaag in je bedrijf?

Motten kunnen producten in bedrijven ernstig aantasten. Zitten ze eenmaal in een big bag of in kartonnen dozen, dan kun je alles wel weggooien. Maar hoe komen ze binnen?

  1. De eitjes of larven zitten in ruwe grondstoffen. Dit is vaak het geval bij cacaomotten.
  2. De eitjes of larven zitten in verpakkingen.
  3. De eitjes of larven zitten in geretourneerde producten.
  4. De eitjes of larven hebben zich ontwikkeld in levensmiddelen die te lang in de loods of in het magazijn opgeslagen stonden.

Een mottenplaag herkennen

Misschien heb je in je woning of bedrijf al wat motten zien vliegen. Natuurlijk wil je meteen weten waar ze vandaan en wat voor schade ze al hebben aangericht. Als je besluit om op onderzoek uit te gaan, dan kun je met behulp van de volgende tips wat meer te weten komen over de eventuele mottenplaag. We verdelen de motten even in twee groepen: voorraadmotten en kleermotten.

Hoe herken je voorraadmotten?

  • Ze leggen in eitjes in allerlei soorten levensmiddelen. Controleer op kleine witte eitjes of larven.
  • Het product plakt aan elkaar door spinsels en uitwerpselen van larven.
  • Het product ruikt muf of zelfs wat vreemd.
  • Rond de verpakkingen in je keuken- of voorraadkast zie je allerlei webben. Die zijn gemaakt door larven die uit de verpakking zijn gekropen om elders te gaan verpoppen.
  • Je treft motten aan in je keuken- of voorraadkast. Die kun je herkennen aan de hand van de omschrijvingen die we eerder gegeven hebben.

Hoe herken je kleermotten of pelsmotten?

  • Je ziet kleine gaatjes in je kleding. Bijvoorbeeld in wol, linnen, zijde of bont.
  • Als je jouw kledingstukken nader inspecteert, moet je letten op kleine witte eitjes en witte larven.
  • Je kleding is verkleurd of ruikt zelfs wat muf.
  • In je kast of op je kleding zie je allerlei dunne spinsels. Die zijn gemaakt door de larven die uit de kledingstukken zijn gekropen om te gaan verpoppen.
  • Er komen motten uit de kledingkast vliegen of je ziet ze tegen de achterwand zitten. Aan de hand van een paar omschrijvingen zou je ze kunnen herkennen.

Motten in huis voorkomen: dit kun je doen

Het hermetisch afsluiten van voedselvoorraden zou eigenlijk standaard in ieder huishouden moeten gebeuren om ongedierte te voorkomen. Toch is dat niet altijd mogelijk: je kunt wel eens wat vergeten af te sluiten of je vergeet dat je nog spullen op voorraad hebt staan. En hoe bescherm je je kleding eigenlijk het beste tegen vraatzuchtige mottenlarven? Aan de slag!

Voorraadmotten in huis voorkomen

  • Berg al je levensmiddelen op in hersluitbare containers van glas of dik plastic.
  • Controleer regelmatig je voedselvoorraden. Zeker de verpakkingen die al zijn geopend, moet je extra in de gaten houden.
  • Zorg dat je jouw voorraadkasten regelmatig ventileert.
  • Zie je eitjes of witte spinsels in het product? Dan is het feitelijk al bedorven. Gooi het product met verpakking en al weg.
  • Houd de temperatuur in je huis zo laag mogelijk. Motteneitjes en -larven kunnen zich namelijk niet verder ontwikkelen onder de 15 graden.
  • Hoe hoger de luchtvochtigheid, hoe eerder kans op motten. Het is dus sowieso wel een goed idee om niet alleen je voorraadkasten, maar je hele huis van tijd tot tijd te luchten. Je voorkomt er namelijk ook ander ongedierte mee.
  • Probeer zoveel mogelijk naden, kieren en scheuren in huis te dichten. Zeker in en rond je voorraadkasten en kledingkasten, waar de motten graag verblijven.
  • Sommige mottensoorten leven ook in vogelnesten. Van daaruit kunnen motten in huis terechtkomen. Je zou dit kunnen voorkomen door horren voor je ramen en/of deuren te plaatsen.

Kledingmotten in huis voorkomen

  • Draag je kleding regelmatig.
  • Warmte en vochtigheid trekken motten aan. Lucht je kasten daarom regelmatig en houd ze zo schoon mogelijk.
  • Kleding die je voor langere tijd wilt opbergen, moet je eerst even wassen.
  • Kleding die je voor langere tijd wilt opbergen, moet je goed verpakken. Gebruik hiervoor luchtdichte dozen, bijvoorbeeld van kunststof of metaal.
  • Kleding die voor lange tijd opgeborgen is geweest, moet je buiten ophangen en laten luchten.
  • Geniet van de zon door je ramen! Motten houden namelijk niet van licht.
  • Houd de temperatuur in je huis zo laag mogelijk. Liefst onder 15 graden.

Motten in je bedrijf voorkomen

Je goederen worden onverkoopbaar als er mottenlarven inzitten. Sterker nog: je moet de besmette partij zelfs vernietigen. De financiële schade kan nog hoger oplopen als later blijkt dat er meerdere partijen besmet zijn! Dit mag niet nog eens gebeuren, dus je moet er dan alles aan doen om een volgende plaag te voorkomen. Dat kan op de volgende manieren:

  • Komen er nieuwe producten of grondstoffen binnen? Controleer deze dan op eitjes en larven. Vaak zie je ook de uitwerpselen of de spinsels van larven. Door die spinsels kan het product zelfs samenklonteren. Kijk ook of je dode insecten in of rond de goederen ziet liggen.
  • Controleer geretourneerde producten op tekenen van mottenlarven.
  • Zet nieuw binnengekomen of geretourneerde goederen niet naast goederen of eindproducten die al geïnspecteerd zijn.
  • Van overheidswege ben je het verplicht, maar met een periodieke inspectie van de voorraad en het gebouw kun je al een hoop motten voor zijn.
  • Let ook op de hygiëne: kies voor materialen die makkelijk schoon te maken zijn. Reinig ook regelmatig opslagruimtes en productieruimtes.
  • Zorg ervoor dat producten nooit te lang in de opslag blijven staan. Hoe langer ze er staan, hoe meer kans op ongedierte. En dan hebben we het niet alleen over motten, maar ook over kakkerlakken, muizen of ratten…
  • Zorg ervoor dat goederen minstens 30 cm vrij van de vloer kunnen staan. Houd ze met een afstand van 50 cm ook van de wanden af.
  • Dicht zoveel mogelijk gaten, kieren en spleetjes in je bedrijfspand. Zorg ervoor dat de motten zich niet overal in kunnen verschuilen.
  • Houd de luchtvochtigheid zo laag mogelijk in het pand, zeker in de opslagruimtes. Optrekkend vocht in muren of vloeren moet je direct laten behandelen. Plaats ook geen houten constructies in ruimtes waar het vochtig is.
  • Houd de temperatuur ook zo laag mogelijk: bij voorkeur onder de 15 graden, zodat de mottenlarven zich niet verder kunnen ontwikkelen en verspreiden.
  • Ventileer het pand regelmatig. Ventilatieopeningen kun je eventueel ook afdichten met fijnmazige horren zodat er geen ongedierte kan binnensluipen.
  • Als het kan, probeer dan gladde wanden en vloeren in het bedrijf aan te leggen. Zo is er minder kans op openingetjes waarin het ongedierte zich kan verschuilen.
  • Voorkom dat vogels, zoals duiven, zich op of in je pand gaan nestelen. Je kunt eventueel een ongediertebestrijder inschakelen om wering aan te brengen.

Schade door motten

Motten kunnen een ware plaag zijn in woningen. Bedrijven waar levensmiddelen worden geproduceerd en opgeslagen, lopen echter het grootste risico. Vaak ligt het aan verouderde voorraad, bijvoorbeeld door een verpakking dat ooit eerder is opengemaakt. Maar wat voor schade kunnen motten precies aanrichten?

Schade door de bruine huismot

De larven van de bruine huismot vreten vrijwel alles aan als ze de kans krijgen. Niet alleen gedroogde levensmiddelen worden opgepeuzeld, maar ook kleding (van wol of linnen), leder, papier, tapijten, vloerkleden, gordijnen, stoffering of vullingen in meubels en matrassen. Bij gebrek aan beter eten bruine huismotten ook wel dode insecten.

Schade door de kleermot en de pelsmot

Kleermotten en pelsmotten kunnen stoffen materialen zo aanvreten dat die helemaal uit elkaar vallen. Denk aan kleding, tapijten, vloerkleden, gordijnen, stoffering of vullingen in meubels en matrassen. Vaak tref je dan kleine, ongelijke gaatjes in het materiaal aan. Deze motten richten zich op alle stoffen, maar ook lederwaren of spullen van dierenhaar, bont of vilt worden niet overgeslagen.

Schade door de meelmot

Meelmotten hebben een voorkeur voor meel en meelproducten. Toch storten ze zich ook op cacao, chocolade, noten of gedroogde vruchten en groenten. Meel dat wordt aangetast door meelmotten wordt na verloop van tijd grijsbruin en verspreiden een onaangename geur. Komen meelmotten in meelfabrieken terecht, dan kan het spinsels van de larven zelfs zeven, buizen en trechters verstoppen.

Schade door vruchtmotten en cacaomotten

De larven van de vruchtmot lusten graag vruchten. De larven van de cacaomot zijn dol op cacao en aanverwante producten, zoals chocolade. Daar houdt het verschil tussen de twee soorten op, want ze richten zich ook op meel, koffie, noten, granen, hooi, tabak en gedroogde vruchten of groenten.

Schade door vervuiling

Alle larven zorgen voor vervuiling in de producten waarin ze leven, omdat ze daar spinsels, uitwerpselen en vervellingshuidjes achterlaten. Bij levensmiddelen zorgt dit voor bederf en textiel kan tot aan het laatste draadje worden verpulverd.

Motten zelf bestrijden

Voor het bestrijden van alle soorten motten geldt een gouden richtlijn: waar zitten de eitjes en dus ook de larven? De bron van de plaag moet eerst worden gevonden voor je de motten zelf te lijf gaat, anders krijg je zo met een nieuwe generatie te maken.

Of je ziet eerst de motten of je ziet eerst de schade die ze hebben aangericht. Motten zitten in ieder geval op plekjes waar het warm, vochtig en donker is. Bijvoorbeeld in hoekjes, naden, kiertjes, in scheuren in muren, onder drempels of achter plinten. Je kunt het zo gek niet verzinnen. In bedrijven gaan ze ook wel in productiemachines zitten.

Zie je een paar motten, maar weet je niet zeker of je meteen met een plaag te maken hebt? Je kunt dan de volgende middelen of methoden toepassen als detectie… of meteen als bestrijdingsmiddel.

1. Elektrocutielampen

Deze lampen mogen niet in bedrijven worden gezet waar voedsel wordt bereid, bijvoorbeeld in snackbars of restaurants. Als particulier mag je deze lampen wel in je woning neerzetten. In de lampen zit uv-licht en daar komen insecten - in dit geval hopelijk motten - op af. Achter de lamp zit een rooster die de gelokte motten elektrocuteert. Zet de lamp in de avond of in nacht aan en bestudeer hoeveel motten erop afkomen.

2. Mottensprays

Sprays tegen motten bevatten vaak pyrethrine: dit is een soort insecticide. Pyrethrine is een giftige stof; je mag het niet direct op kleding en tapijten spuiten en zeker niet op aangetaste levensmiddelen, want moet je na aantasting gewoon weggooien. Je kunt het middel wel in diverse hoeken in de kamer of in de kasten spuiten. Zorg er wel voor dat kleine kinderen en huisdieren niet door het spul vergiftigd kunnen raken.

Je kunt ook sprays tegen motten kopen waarin natuurlijke pyrethrine is verwerkt. Deze stof is uit chrysantenblaadjes gehaald.

Wil je er zeker van zijn dat de spray is goedgekeurd? Controleer dan op een keurmerk van het Ctgb (College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden). Staan de ingrediënten niet of onduidelijk op de verpakking vermeld? Koop het middel dan niet.

3. Mottencassettes

Mottencassettes zijn platte zakjes met daarin transfluthrin. Deze stof wordt vaak gebruikt tegen insecten en is dus ook effectief tegen motten. Je hangt ze aan de roede in je kledingkast op. Hang de cassettes alleen niet te dicht op je kleding.

4. Mottenballen

Mottenballen zijn witte ronde ballen die meestal in een zakje worden verkocht. Let er wel op dat je goedgekeurde mottenballen koopt: die bevatten transfluthrin. Mottenballen met kamfer, naftaleen of dichloorbenzeen zijn behoorlijk giftig en dus verboden, maar worden nog wel op de markt aangeboden. Plaats de mottenballen in je kledingkast en wacht af. Een nadeel? Ze ruiken best sterk en de geur kan dus in je kleding trekken.

5. Geurblokjes tegen motten

Geurblokjes tegen motten zijn het alternatief voor mottenballen. Deze blokjes kunnen van plantaardige materialen zijn gemaakt, afhankelijk van het merk. Je zou bijvoorbeeld blokjes van cederhout kunnen gebruiken. Plaats die in je kledingkast. Als deze zijn uitgewerkt, moet je ze verwijderen.

6. Etherische olie tegen motten

Je kunt etherische olie verdampen of je doet een beetje olie op een doekje. Dit doekje leg je dan in je kledingkast. Pas wel op voor vlekken en eventuele huidirritatie. Bepaalde oliën zijn voor zwangere vrouwen niet geschikt, dus lees altijd eerst de gebruiksaanwijzing.

7. Gooi aangetast voedsel direct weg

Helaas, voedsel dat besmet is met motteneitjes en larven is niet meer consumeren. Het is zelfs zo dat je ook beter de omliggende producten kunt weggooien, omdat daar ook minuscule eitjes in kunnen zitten. Laat de vuilniszak met daarin het besmette product niet in je woning slingeren, maar verwijder deze zo snel mogelijk.

8. Maak je keukenkast of voorraadkast schoon

Als je besmette levensmiddelen hebt weggegooid, moet je de kasten schoonmaken waar die in hebben gestaan. Vaak zie je vanzelf wel aan de spinsels van de mottenlarven dat de kasten nodig gepoetst moeten worden. Wakker je poetswoede dus maar aan en pak die spons! En vergeet ook de hoekjes niet, want daar zitten de motten het liefst. Beter is zelfs als je heel de keuken schoonmaakt, zodat er nergens motteneitjes blijven liggen.

9. Maak je kledingkast direct schoon

Met een stofzuiger, een sopje of een mengsel van water met schoonmaakazijn kun je je kledingkasten schoonmaken. Behandel wel eerst de aangetaste kleding voor je deze terug in de kasten legt. Ga je de kast poets, sla dan geen hoekje of kiertje over!

10. Dood de eitjes in de kleding

Motteneitjes kunnen felle hitte of kou niet overleven. Was daarom alle aangetaste kleding op 60 graden. Kledingstukken die je niet zo warm mag wassen, kun je twee tot vier dagen in de diepvries leggen. Bepaalde kledingstukken kun je misschien wel chemisch laten reinigen.

11. Zuig de motten op met een stofzuiger

Een stofzuiger kan handig zijn om motten te vangen, maar let op: hiermee pak je het probleem maar deels aan. De motten kunnen dan wel geen eitjes meer leggen, maar de broedplaatsen zijn nog wel aanwezig. Daaruit kunnen weer nieuwe motten ontstaan die eitjes gaan leggen. Zo blijf je bezig!

Motten zelf bestrijden: bedrijven

Als bedrijf kun je op dezelfde wijze motten bestrijden als particulieren. Toch kunnen we ons voorstellen dat je liever een vakman inschakelt, omdat je aan allerlei richtlijnen omtrent hygiëne en veiligheid moet voldoen. Een professionele ongediertebestrijder kan je helpen om die zaken (beter) te waarborgen. Verder kan je bedrijf erg gebaat zijn bij maatregelen die motten kunnen voorkomen. En kom je er zelf niet uit, dan kan je een bestrijder ook altijd om advies vragen!

Motten bestrijden? Vraag een professional!

Als de mottenplaag je te veel wordt, kun je altijd naar de diensten van een professionele ongediertebestrijder vragen. Het belangrijkste is dat alle broedplaatsen worden aangepakt, zodat er geen nieuwe motten meer bijkomen! Een mottenplaag kan door de vakman op twee manieren bestreden worden:

1. Motten bestrijden met insecticide

De bestrijder gebruikt een hogedrukspuit om aangetaste oppervlakken, naden en kieren te behandelen. Met deze spuit kan hij ook volledige ruimtes vernevelen. In het geval van motten behandelt de bestrijder naden en kieren in kledingkasten, muren, vloeren, plafonds en achter plinten.

Voor het bestrijden van motten wordt een gif gebruikt tegen kruipende insecten. Dit gif wordt nooit rechtstreeks op levensmiddelen of voorwerpen gespoten: aangetaste voedingswaren zul je zelf moeten weggooien en aangetaste kleding moet je eveneens zelf behandelen. Lees hiervoor de tips die we eerder gegeven hebben.

Tijdens de behandeling en twee uur na de behandeling moeten bewoners, huisdieren of personeel de woning of het bedrijfspand verlaten. Hierna moet het gebouw minstens een dag geventileerd worden. Hierna werkt de insecticide nog een paar maanden door.

2. Motten bestrijden met feromoonvallen

Feromoonvallen zijn lijmvallen met toegevoegde feromonen. Feromonen werken als lokstof voor de motten. De mannetjes denken de vrouwtjes te ruiken en komen op de val af. Ze blijven dan in de val plakken. De vrouwtjes blijven in je woning of bedrijfspand achter, maar omdat er geen mannetjes meer zijn, kunnen ze zich niet meer voortplanten. Tenzij ze van tevoren nog bevrucht zijn geraakt… het blijft hoe dan ook even afwachten.

Feromoonvallen worden niet alleen gebruikt om motten te bestrijden, maar ook om een indruk te krijgen van de grootte van de mottenplaag. De bestrijder zal uiteindelijk alsnog de broedplaatsen met insecticide moeten behandelen.

Heb jij last van motten en wil je ze zo snel mogelijk kwijt? Wij brengen je rechtstreeks in contact met een ervaren ongediertebestrijder uit je eigen regio. Neem contact met ons op en voorkom nog meer schade in je huis of in je bedrijf!

Vind een ongediertebestrijder

Onze bestrijders zijn actief in heel Nederland

Bekijk alle locaties
Locations
Zoek je lokale bestrijder
Vul je plaats of postcode in en vind je lokale bestrijder